Ze worden zo snel groot, meneer!

Mijn kinders. Ik weet het niet. Als ik hen bezig zie dan lijkt het wel alsof ik de afgelopen weken op reis ben geweest en nu thuiskom en denk: “wat zijn die twee veranderd zeg!”. Maar in werkelijkheid stond ik er gewoon op te kijken.

Florian, 34 maanden.

Na de herfstvakantie mocht hij naar school, mijn zoon. Hij was niet proper en zijn woordenschat ging niet veel verder dan een tiental bestaande woorden en dan nog enkele termen die hij zelf verzonnen had. Ik hoor het mij nog zeggen tegen zijn juf: “als hij ‘kaaa’ zegt dan wil hij gewoon water en met ‘gaga’ bedoelt hij zijn zus”. We zijn vier maanden verder en mijn zoon zijn woordenschat is onvoorstelbaar uitgebreid. Ja, hij heeft nog wat schade in te halen op leeftijdsgenoten maar ik kan er zo van genieten als hij probeert te vertellen hoe zijn dag geweest is op school. Als hij in de auto plots zegt: “zijn we er al?”, dan kijken mijn man en ik elkaar aan, glimlachen en denken waar heeft hij dat zinnetje nu weer vandaan? Zijn zus is nu gewoon ‘Elisa’ of ‘zus’, als hij water wil dan wil hij ook gewoon water en geen ‘kaaa’ en laatst was hij midden in de nacht aan het roepen: “mama, mijn water is op!”. Ik kan mij inbeelden dat het voor een buitenstaander allemaal banaal klinkt maar voor de mensen dicht bij mijn zoon lijkt zijn taalevolutie wel het achtste wereldwonder. Beter dan dat kan ik het gewoon niet omschrijven.

Ook op gebied van proper worden, lijkt hij wel een wereldwonder te hebben verricht. In de herfsvakantie was ik nog wanhopige pogingen aan het doen om hem zoveel mogelijk in zijn blote poep te laten rondlopen in de hoop hem alsnog proper te krijgen voor zijn eerste schooldag. Nice try, zal Florian gedacht hebben maar ik doe wat ik doe als ik het wil. En twee weken na zijn eerste schooldag was het zover. Onze meneer ging op zijn potje alsof hij nooit iets anders had gedaan. Enkele weken later stelde ik al vast dat hij de meeste ochtenden ook met een droge pamper wakker werd. Afgelopen nacht heb ik het er dan eindelijk op gewaagd, om hem zonder zijn pamper te laten slapen en hij heeft mij niet teleurgesteld, hij bleef droog. Ik zal mijn voorraad pampers dan maar op tweedehands zwierelen, zeker?

Mijn peuterzoon, als ik eerlijk moet zijn, vond ik hem vooral vermoeiend en lastig en peuterachtig tot een paar weken terug maar zelfs in zijn gedrag is hij op een paar weken tijd enorm geëvolueerd, al durf ik dat nog maar heel voorzichtig hardop te zeggen. Waar hij vroeger, na schooltijd, als ik hem nog even meenam naar mijn klas, mijn klas overhoop haalde door vanalles uit mijn kasten te halen, vraagt hij nu: “mama, mag ik daarmee spelen?”. Ook zijn speelgoed opruimen was altijd al een ware strijd en er was een tijd dat hij thuis meer in de hoek stond dan dat hij nog iets anders deed. Op een kleine drie jaar tijd heb ik niet alleen afscheid moeten nemen van mijn baby maar ook van mijn peuter, of zo lijkt het momenteel toch.

Bron: pinterest

Bron: pinterest

Heeft het te maken met het feit dat hij nu naar school gaat? Ik weet het niet. De keerzijde van heel dat naar school-gaan-verhaal is dat mijn zoon de afgelopen tijd ongeveer elke twee weken ziek geweest is en dan overdrijf ik nog niet eens. Snot, hoesten, diarree, overgeven, koorts en zelfs één of andere mysterieuze ziekte van Gibert zijn de revue gepasseerd. De theorie dat borstvoedingskindjes minder ziek zijn dan kindjes die flesvoeding krijgen, is bij mij ondertussen volledig afgeschreven. De borstvoedingsmaffia heeft ongelijk. En dat ze maar eens komen zorgen voor mijn zoon, als hij wéér eens ziek is en ik wéér eens een opvangplan moet bedenken (vergeef me de kleine ondertoon van sarcasme…).

 

Mijn kinders. Ze worden groot. Ik kan er niet meer onderuit. Ik ben geen baby-mama meer en amper nog een peuter-mama. Ik heb twee schoolgaande kinders. Eén in het kleuter en één al in het lager. Zij groeien en ik probeer mee te kunnen met hen. Ik geniet van deze periode in hun leven. Absoluut. Maar toch ook soms met een bepaalde tristesse. Want het gaat soms toch allemaal een beetje te snel en ik weet nog niet of ik het straks even plezant ga vinden met twee tieners in huis. Maar dat zien we dan wel weer, zeker?

Bron: Pinterest.

Bron: Pinterest.

Tags: , , , ,

Over Ikea-kinderstoelen en Bumba.

Lieve Florian,

Overmorgen word je 18 maanden! 18 maanden, kleine vriend, dat is de periode dat je in mijn buik zat maal 2! Hoe zot is dat niet? Heel dikwijls denk ik: hoe was dat ook alweer met een kleine hulpeloze baby in huis? Dat je een grote vent aan het worden bent daar twijfelt niemand die je kent nog aan. Dat je liever nog groter zou zijn dan je al bent, dat is ook een feit. De twee Ikea-stoelen die we ooit voor je zus kochten, die sleep je momenteel overal met je mee in huis. Tot grote frustratie dikwijls van ons, je mama en je papa. Ondertussen hebben we een verbod ingevoerd op het verplaatsen van de stoelen van de living naar de keuken. Wegens véél te gevaarlijk. Je steekt de magnetron aan, je draait aan de knoppen van het kookfornuis,… Je bent een huishoudelijke duizendpoot maar nog net dat tikkeltje te klein om alles te doen wat je zou willen doen. Ja, je mag helpen met het ledigen van de vaatwas. Ja, je mag helpen met de was te sorteren en die in de wasmachine proppen. Ja, je mag helpen met de tafel dekken in de mate van het mogelijke. Maar van de knoppen van het fornuis, daar moet je van af blijven.

Mama’s lezers hebben geluk, kleine man want vandaag treden we een tikkeltje uit onze anonimiteit en worden er persoonlijke foto’s gepubliceerd! Die moesten er gewoon ook bij. Aangezien jij en je stoel zo één zijn geworden de laatste weken. Dit is zo typisch jij, vriend, op je bijna 18de vermaanddag:

WP_20151027_025

Boterhamdoos van zus leegmaken.

Licht aansteken in de living.

Licht aansteken in de living.

WP_20151027_017

Poging doen om de deur op slot te krijgen.

Mama geeft het toe, kleine man, zo’n Ikea-kinderstoel is niet alleen handig om op te zitten…

Je bent een man van veel daden en weinig woorden. Als ik terug lees wat ik de vorige keer over je had geschreven dan moet ik tot de vaststelling komen dat je woordenschat nog steeds niet erg uitgebreid is. “Kaka” is nog steeds een van je favoriete woorden. Alleen heeft het woord kaka nu nog een extra dimensie gekregen. Als je kaka zegt dan heb je ook bijna altijd effectief kaka gedaan en dan leg je alvast je verzorgmat, een verse pamper en de doekjes voor me klaar. Andere favoriet én ook nieuw in je woordenschat is… “Bumba” ! (Ik heb zo’n vermoeden dat andere mama’s van kindjes uit jouw leeftijdscategorie nu met een glimlach van herkenning op hun gezicht zitten…) Je steekt de tv aan en zegt “Bumba”, je haalt mijn tablet uit de keukenlade (ja, hoor, met je Ikea-stoel) en zegt “Bumba”… En dat de hele dag door. Je bent fan van Bumba, we hebben het ondertussen door, vriend, je hoeft het niet elke keer te herhalen. Naast Bumba is je woordenschat op de valreep ook nog uitgebreid met het woordje “mama”! Joepiedepoepie, eindelijk! “Papa” zei je nu toch al eventjes maar “mama” bleef een beetje uit… Gelukkig kwam het vorige week eindelijk goed.

Wat een leuke peuter ben jij toch geworden, kleine vriend. Meestal dan toch. Je haalt erg veel deugnieterij uit maar dat maak je helemaal goed door de gekke manier waarop je met je eigen deugnieterij omgaat. Je gezicht spreekt boekdelen. Je spookt iets uit, staat erbij, kijkt ernaar en zegt “oooooh” (het soort “ooooh” dat je zegt wanneer je ziet dat je geen prijs hebt in een lotjestrekking ofzo…). En als de deugnieterij te erg is en mama of papa worden boos op je dan kom je ons altijd een knuffel geven achteraf. Je kent de truken van de foor. Nu al. Je steelt de mensen hun hart, overal waar je komt maar het meeste van al nog, heb je mijn hart gestolen. Mijn kleine zoon… Mijn grote liefde. Wie had dat gedacht?

Tags: , , ,