En dan werd het zomer…

Ik ben ondertussen een jaar of vier aan het bloggen en traditioneel schrijf ik altijd iets over mijn (zomer)vakantieplannen. De zomer, dat is niet alleen hopen op schoon weer, dat is ook je kinderen keilang proberen te entertainen dat vraagt wat creativiteit en planning.

Dat mijn zomer er lichtjes anders uitziet dan alle zomers voorheen, dat spreekt voor zich. Eerst en vooral zijn mijn kinders geen twee maanden thuis, nee, ze zijn net geen drie maanden thuis!

Mijn brein probeert daar niet al te veel bij stil te staan (hoe graag ik ze ook zie) maar drie maanden, dat is écht wel keilang.

Gelukkig wonen we hier ondertussen toch al een 9-tal maanden en zijn we geen echte newbies meer. Er staan een tweetal kampjes voor de kinderen geboekt en ondertussen is mijn internationale vriendenkring toch al een beetje uitgebouwd zodat ik de rustige dagen thuis kan afwisselen met uitstapjes.

Het is eigenlijk gek hoe je leven toch wel een grote ommekeer kan maken. Vorig jaar had ik enkel maar Belgische vrienden en kennissen. Nu bestaat die kring uit een mengelmoes van nationaliteiten.

Ik heb alvast geleerd om initiatief te nemen. Vroeger ging ik niet vaak uit mezelf aan iemand vragen om eens een koffie te gaan drinken of iemand’s telefoonnummer vragen om contact te kunnen houden. Of ik moest die persoon al een tijdje kennen. Nu moet ik wel uit mijn kot komen en dat werpt zijn vruchten af. Mijn wereld is in elk geval toch wel groter geworden.

Voor de rest zijn er dan uiteraard nog de reisplannen. Zoals elk jaar in de grote vakantie, natuurlijk, maar met dat verschil dat het dit jaar geen Denemarken of Landal in Nederland wordt. Volgende week woensdag komen mijn schoonouders ons bezoeken. Het zal fijn zijn om hen te kunnen laten zien waar wij wonen. We mogen daar nu nog zoveel over vertellen en schrijven, er is toch nog altijd een groot verschil met het ook daadwerkelijk eens te zien. Samen met hen hebben we een week een huisje gehuurd nabij Michigan City, op een uurtje van Chicago. Wij hebben ondertussen toch al heel wat schone stukken van Michigan gezien en dus gaan we deze staat even inruilen voor een andere (Michigan City ligt namelijk in Indiana, hoe gek dat ook is en Chicago ligt dan weer in Illinois… Met andere woorden: twee staten in een klap). Maar we hopen evengoed dat we hen wat van die schone stukken kunnen laten zien terwijl ze hier zijn.

Ik zal er niet om liegen, het vraagt wat meer planning om hier op verkenning te gaan. Aangezien het hier zo groot is en je al snel aan een reistijd van minstens twee uur zit om eens iets anders te zien, moet je wel wat voorbereidt zijn natuurlijk. Maar soms zijn er dan ook eens de spontane ideeën die eindigen in een leuke trip. Dit was afgelopen weekend, in het Frederik Meijer Gardens & Sculpture Park (ja, op twee uur rijden van hier):

Tags: , , ,

Een half jaar Midland, Michigan.

Ik weet niet hoe lang het duurt om te wennen aan een ander land. Als je me zou laten raden dan zou ik zeggen een jaar. Eens je alle maanden en seizoenen doorlopen hebt, dan ben je er. Dan heb je alles gehad. Ik weet niet of dat het juiste antwoord is. Misschien wel.

Er is ondertussen een half jaar gepasseerd en eigenlijk heb ik nu al het gevoel dat we er eindelijk zijn. De afgelopen maanden zijn absoluut een rollercoaster geweest. Een rollercoaster van zoveel dingen te moeten regelen, een rollercoaster van settelen maar ook een rollercoaster van emoties. Dat laatste vooral.

Maar ik voel me hier elke dag meer en meer thuis. Ook al zijn er nog veel dagen waarop ik nog wel eens vloek. Op het feit dat ik zoveel moeite moet doen om deftig brood te vinden. Of dat ik de zondagochtend enkel kan kiezen uit een croissant of een chocoladekoek. Of dat het aantal hippe eetgelegenheden hier nogal beperkt is. Of dat de vraag “how are you doing today?” eigenlijk geen antwoord vereist. Of aan het feit dat iedereen hier zo weinig moeite lijkt te doen om ’s ochtends deftige kledij aan te doen. Of dat er geen einde lijkt te komen aan die ellenlange maanden van vriestemperaturen. Maar verder dan eens vloeken of met mijn ogen rollen gaat het niet meer. Tot enkele weken geleden was ik nog bijna op dagelijkse basis bezig met vergelijken en met dingen missen. Dat is weg. Het is allemaal een stukje van ons leven geworden. Het is ons gewone leven aan het worden.

Ik kan ondertussen zonder gps mijn weg vinden in Midland. Ik weet in welke supermarkt of winkel ik moet zijn om te vinden wat ik wil. Ik weet waar ze het beste brood hebben, waar de beste kaas, waar het beste vlees en waar de beste groenten. Ik weet waar ik die ene fles melk het goedkoopste kan kopen. Ik ben aan een razendsnel tempo klantenkaarten aan het opstarten en meer en meer begin ik me thuis te voelen in de wereld van coupons. Ik ben blij met de beginnende vriendschappen en de beginnende chitchat hier en daar. Ik ben trots op mezelf dat ik nog steeds twee keer per week ga sporten. Ik heb een favoriet lokaal radiostation. Ik ben meer en meer zelfzeker aan het worden als ik moet praten in het Engels. In het begin had ik vooral het gevoel dat ik te weinig kon oefenen maar ondertussen merk ik dat het toch allemaal vlotter gaat. Uiteindelijk is het enige wat ik dag in dag uit op radio en tv hoor ook alleen maar Engels. Zonder de Nederlandse ondertiteling dan en dat helpt natuurlijk ook wel.

Elisa, die is ondertussen bijna perfect tweetalig. Die praat en leest Engels alsof ze nooit anders heeft gedaan. Ze heeft niks van accent en daar ben ik jaloers op. Af en toe verbetert ze mij in mijn uitspraak. Zover is het al gekomen… Hier en daar merk ik af en toe zelfs een Engelstalig accent in haar Nederlands op. Het is echt onvoorstelbaar. Florian staat uiteraard nog niet zo ver als zijn zus. Daarvoor zijn de schooldagen voor hem te kort maar hij begrijpt wel ongeveer alles. Antwoorden doet hij in een mengelmoes van Nederlands en Engels. Wat grappig is. Dan krijg je zinnen als “I am making koffie do you want een tas?” en “I moet the car weer vermaken”.

En mijn man, die werkt hard en houdt ons financiële fort recht. Ik zou zijn tempo en werkdruk van elke dag niet aankunnen, dat moet ik eerlijk bekennen. Maar in principe zie ik hem wel meer dan vroeger. Er zijn geen eindeloze business trips meer van twee weken en ’s avonds moet hij niet meer ellenlang in de file staan om thuis te geraken. Dat is dan toch een voordeel.

Ik ben blij dat ik kan zeggen dat na zes maanden het zwaarste gewicht in onze weegschaal het positieve is. Met de lente en zomer in het vooruitzicht kan het hopelijk alleen maar beter worden… Ik kan echt niet wachten om Michigan eindelijk te kunnen gaan verkennen.

Tags: , ,

A child again.

We zijn ondertussen bijna drie maanden geleden in ons expat-avontuur gestapt. Als ik terugkijk op die maanden dan kan ik amper geloven wat we op die tijd allemaal verwezenlijkt hebben. Van de goedkeuring krijgen in de Brusselse ambassade om naar hier te mogen emigreren tot hier effectief zijn. Hier een huis hebben. Een nieuw leven opbouwen.

Mijn leven is in heel veel opzichten op korte tijd veel veranderd. Wat logisch is en te voorzien was, uiteraard, als je aan zo’n avontuur begint. Na de hectische voorbije maanden zijn we nu op een soort van rustpunt gekomen. Alhoewel een rustpunt misschien wat te optimistisch is uitgedrukt. We hebben nog een aantal zaken niet op orde, maar goed, net zoals de rest komen die ook wel inorde. Medische zaken, tax-gerelateerde dingen en ja, zelfs een auto kopen… Alles is hier anders en vraagt wat tijd en uitpluiswerk maar zoals ik al zei, langzaam maar zeker komen we er wel.

Maar afin, dat kleine rustpuntje dat we hebben, zorgde ervoor dat ik vorige week toch in een dipje belandde. Ik had er toen een blogbericht over geschreven dat ik daarna, in plaats van het te publiceren, resoluut de computervuilnisbak heb ingekieperd. Niet meer zo anoniem bloggen als vroeger heeft toch wel zijn nadelen. Ik denk meer na nu. Over wat ik schrijf en hoe ik het ga schrijven. Over hoe ik wil dat het overkomt. Want nu weet ik natuurlijk wie er allemaal meeleest… En het laatste wat ik vorige week wou, is dat mensen het idee zouden krijgen dat ik hier met een depressie te kampen heb/had. Of dat ik hier ongelukkig ben. Want ik heb er nog steeds geen seconde spijt van gehad dat we in dit avontuur gestapt zijn.

Het is moeilijk te zeggen waarom ik me voelde zoals ik me voelde. Het was een wirwar van een plots negatief denken. Een soort van eerste cultuurshock. Me ergeren aan alles dat hier anders is. Ik vond dat ik hier niet paste. Dat ik een sticker op mijn hoofd had “ik ben niet van hier”. Ik voel(de) me een soort van puber, die nog aan het leven moet beginnen en uitzoeken waar ik naartoe wil. Ik voel(de) me geïsoleerd want na de eerste weken van een stortvloed aan berichten van “hoe gaat het?” en “hoe stellen jullie het daar?”, werd het plots stiller aan de andere kant van de oceaan. En dat is volkomen begrijpelijk, begrijp me niet verkeerd. Ik had het gevoel dat iedereen gewoon verder ging met leven, inclusief mijn man en kinderen, en dat ik de enige was bij wie het leven plots gewoon leek stil te staan.

Het gaat ondertussen alweer een stukje beter. Het ergste dipje is gepasseerd en ik probeer mijn nieuwe leven in handen te pakken. Ik heb me erbij neergelegd dat ik voorlopig ergens tussen mijn oude en mijn nieuwe leven zit.

“It’s as if you are a child again”, las ik ergens op een expat blog en dat is ook echt zo.

 

Tags: ,

Met mijn linkerbeen uit het raam.

Wel verdorie, mijn linkerbeen en voet hebben niks te doen, dacht ik toen ik hier voor het eerst een ritje in onze rental car maakte. “Ge moogt wat rusten”, zei ik, want mijn linkerbeen snapte er niks van en wou voortdurend de koppeling induwen. “Of ge moogt wat uit het raam hangen, de zon schijnt, misschien bruin je nog wat.”

Tegelijkertijd moest ik ook mijn rechterarm in bedwang houden. “Blijf van die versnellingspook! Hij staat in drive, ge moet verder niks meer doen!”

Mijn lichaam was behoorlijk gedesoriënteerd tijdens die eerste rit en dat is het nog steeds. Al mijn reflexen zijn ingesteld op 15 jaar rijden op Belgische wegen met de uiteraard daarbij horende manueel verstelbare versnellingsbak in de wagen. In veel opzichten is rijden hier veel makkelijker dan bij ons. De wegen zijn breder, de parkeerplaatsen ook. Je komt amper een fietser of een voetganger tegen. Je rijdt mee met de windrichtingen. Voorrang van rechts is er amper, omgekeerde driehoeken zijn ook al zo’n zeldzaamheid. Stopborden daarentegen zijn all over the place. Veel wegen, vergelijkbaar met onze ringwegen, hebben een extra middelste strook for left turns only. Als het licht op rood staat, mag je toch rechts afslaan, tenzij er expliciet vermeld staat dat het niet mag.

En toch…

Heb ik nog steeds de neiging om te remmen als er een auto uit een rechterzijstraat aankomt, zeker in de woonbuurten.

Vind ik het nog steeds raar om over een volle gele lijn te rijden omdat ik een left turn wil maken en dus gebruik moet maken van de daarvoor voorziene rijstrook.

Het idee is, dat je het verkeer dat rechtdoor moet, niet hindert.

Heb ik nog steeds, de eerste minuut nadat ik voor het rode licht gestopt ben, niet door dat ik gewoon mag doorrijden omdat ik naar rechts moet en er niemand van links komt.

Moet ik telkens met mijn ogen rollen, als ik moet stoppen en kijken of er écht niemand komt gewoon omdat dat moet van het verkeersbord op een baan waar slechts af en toe eens een verloren ziel voorbij rijdt en je eigenlijk al van mijlenver kunt zien dat er geen enkele ander wagen, behalve de jouwe te bespeuren is.

Moet ik nog méér met mijn ogen rollen als ik op een kruispunt gestopt ben, ook weer omdat het moet en er links en rechts ook een auto gestopt is maar er niemand de neiging lijkt te hebben om als eerste terug aan te zetten. Iedereen staat daar dan maar. Te wachten op Godot.

Binnenkort moet ik hier mijn praktisch rijexamen afleggen, ik zal mijn ogen-rollende neigingen dan maar best onderdrukken, zekers?!

Tags: , , ,

Onze eerste dagen in de VS.

We namen een valse start op vrijdag. Net toen de onboarding zou starten werd omgeroepen dat er een technisch probleem was met het vliegtuig. Ze zouden een test doen en tien minuten later lieten ze weten dat de test negatief was… Maar, geen probleem, er zou een tweede test volgen en als die positief was, konden we instappen. Als die negatief was, wel, ze zeiden het niet met die verwoording maar dan waren we gejost. Een goed half uur later kwam dan de melding dat ook de tweede test negatief was en dat er een wisselstuk vanuit Amsterdam moest overkomen. We kregen een voucher om te gaan lunchen en daarna was het weer wachten. Afin, ik bespaar jullie de verdere details van onze leuke dag daar in Zaventem maar het kwam erop neer dat dat wisselstuk er maar niet geraakte (plots moest het uit Frankfurt komen en nog twee uur later zouden ze het uit Parijs laten komen…) en uiteindelijk zat de crew aan hun maximale aantal werkuren en kwam het erop neer dat we gewoon niet meer konden vertrekken op vrijdag. Het werd dus een nachtje Sheraton en een nieuwe poging op zaterdag ochtend.

En een geluk bij een ongeluk misschien maar de zaterdag verliep supervlot. Zelfs onze aankomst in Detroit en het passeren van de douane daar was piece of cake.

Uiteindelijk zijn we hier aangekomen op zaterdagnamiddag, 4 uur, lokale tijd.

Het zou misschien raar moeten voelen, hier zijn, maar dat is niet zo. Alles is hier nochtans zoveel groter. De straten, de auto’s, de winkels maar op één of andere manier doet dat dus niet zo raar. Misschien komt dat door de tv, denk ik, doordat wij al zoveel van Amerika zien via films en series. Ik weet het niet.

En toch. Er zijn mij al zovéél verschillen opgevallen de voorbije drie dagen dat ik er hier al een eindeloos epistel zou kunnen over schrijven. Onnozele dingen ook, zoals het feit dat er hier amper auto’s rijden met ook een nummerplaat vooraan. Achteraan is blijkbaar voldoende. Of dat ik hier weer geen bakboter kan vinden. In Denemarken werd dat euvel snel opgelost want de bakboter bleek daar gewoon niet in de frigo te liggen… Maar hier… Er is geen onderscheid, blijkbaar. Boter is boter. Of dat denk ik toch. Ze keken mij in elk geval aan alsof ik de meest rare vraag ooit stelde toen ik vroeg waar ik dat soort boter kon vinden.

Ik ga moeten wennen. Maar dat was te voorspellen, uiteraard. Voorlopig ben ik nog heel veel aan het vergelijken en meestal draait dat dan uit op een 1-0 België vs de Verenigde Staten.

Ik kwam vandaag bijvoorbeeld tot de conclusie dat Florian hier nog helemaal niet met school kan starten. Verre van zelfs. Daar stond ik dan. Zo enthousiast als ik aan mijn kinders had aangekondigd dat we een kijkje gingen nemen naar hun nieuwe school, zo teleurgesteld was ik toen ik de melding kreeg dat de school geen pre schooler program had. Ik mocht dus weer gaan uitpluizen wat ik met Florian aan moet. Het kind mag terug naar daycare, daar komt het ongeveer op neer. En dat is uiteraard niet gratis. En maar een halve dag. Zelfs op zijn vierde zal het nog zoeken zijn naar een school waar ze een young 5’s program hebben. Het voelt een beetje aan als een serieuze stap achterwaarts. Maar goed. Ik weet dat ik moet afwachten voor ik conclusies neem. Donderdag ga ik een kijkje nemen naar de daycare/preschool.

Maar ook bij de school zelf, had ik gemengde gevoelens. Het is gewoon anders. Moeilijk te omschrijven. Maar misschien ben ik gewoon te bevooroordeeld. Het zit zo ingebakken bij ons dat wij denken dat ons onderwijs zoveel beter is dan eender waar. Maar Elisa was gelukkig wel enthousiast. Dat is het voornaamste.

Alle begin is moeilijk, zeggen ze, en dat zal ongetwijfeld zo zijn. Het zal wennen, wennen en dan nog eens wennen zijn. En uitpluizen. Heel veel uitpluizen hoe alles ineen zit.

Maar het komt goed. Alles komt goed.

 

Tags: , ,

één week.

Over exact één week is het onze laatste volle dag op Belgische bodem. Op vrijdagochtend, 22 september, vertrekken wij ’s ochtends vroeg richting Zaventem. Ik zal het maar beseffen eens we op het vliegtuig zitten, denk ik, dat we dit écht doen. Want veel tijd om te denken, is er momenteel niet. Misschien best. Maar alles komt goed is mijn mantra van elke dag.

Hoe ver staan we al?

  • Ons huis staat te huur.
  • Ik ken de weg in het containerpark als mijn broekzak.
  • De internationale verhuis is sedert gisteren geregeld.
  • Onze tijdelijke meubelopslag is sedert gisteren geregeld.
  • Ik heb nog nooit in mijn leven zo veel beslissingen zo kort op elkaar genomen en ik heb nog nooit in mijn leven zoveel tegen mezelf gepraat als nu. Voor je denkt dat ik nu al gek aan het worden ben: nee, toch niet. Ik heb gemerkt dat ik sneller kan werken als ik bij elk ding dat ik in mijn handen neem, hardop zeg wat ermee moet gebeuren en het dan op de juiste hoop leg.
  • Ik heb nog nooit in mijn leven zo veel spullen weggegooid en weggegeven.
  • Mijn auto is verkocht.
  • Onze vlucht is geboekt en onze eerste nacht in Amerika brengen we door in een hotel dichtbij de luchthaven van Detroit.
  • We hebben een Amerikaanse bankrekening.
  • We hebben ons verdiept in de Amerikaanse ziekteverzekering en nu snappen we heel dat gedoe rond ziekteverzekeringen in Amerika al een klein, klein beetje. 

What’s next?

  • We hebben nog geen definitieve oplossing voor onze poezen. Ik kreeg eergisteren een offerte van $3800 om die twee mee te verhuizen. Dat gaan we dus niet doen. Ik ga ze missen, die twee.
  • We hebben nog geen tijdelijke woning in Amerika. Ze zijn nog aan het zoeken voor ons.
  • Ik heb nog geen idee naar welke school mijn kinders zullen gaan.
  • Ik weet nog niet wat ik ga doen met onze bureau, onze wasmachine, onze droogkast, onze zetels, onze frigo én onze fietsen. Er gaan al een aantal spullen naar een opslagruimte en daar zitten we al aan het maximum bedrag dat we per maand willen betalen voor die tijdelijke opslag. Nog meer laten bij stockeren is dus geen optie. Zomaar weggeven is ook geen optie. Maar wat als die spullen een struikelblok zijn voor toekomstige huurders? Wat doen we dan?

Maar alles komt goed. Daar ben ik van overtuigd.

En nu moet ik eigenlijk écht wel nog een beetje doordoen.

Tags: , ,

De toekomst. (En eindelijk gedaan met ons dubbelleven).

Er zat al een kleine hint in de laatste zin van mijn vorige post. Wie van onze toekomstplannen wist, zal er wel doorheen gekeken hebben. Wie nog van niks wist: niet.

Het zit zo:

Een maand of twee terug wisten we dat onze toekomst er plots helemaal anders zou kunnen uitzien. Maar het was nog onzeker en zo lang het onzeker was, wilde ik/ wilden wij ons nieuws nog niet al te veel aan de grote klok hangen. Maar nu is het eindelijk zover.

Gedaan met het dubbelleven.

In juli kreeg mijn man een schoon aanbod van de Amerikaanse entiteit van het bedrijf waarvoor hij werkt. Niet alleen voor zijn carrière maar ook financieel gezien een grote sprong vooruit. Ik had geen job en dus hakten we de knoop redelijk snel door: we zouden het expat avontuur aanvatten.

Nadat mijn man zijn contract getekend had, begonnen de onzekere weken. Het proces van de werkvisa was gestart maar dat was het dan ook. We moesten heel wat papierwerk doorlopen en daarna deed een immigration lawyer de rest. Afin, ik bespaar jullie de details van het proces want ik ken ze zelf niet allemaal. We wisten dat we voor alle voorwaarden van dat specifieke visa voldeden maar we wisten ook dat alles afhing van het finale visa interview in de Amerikaanse ambassade in Brussel.

Visa approved

We hadden een afspraak deze ochtend, om kwart voor negen, bij de ambassade. We waren gisterenavond al in Brussel geland. Kwestie van het zekere voor het onzekere te nemen en geen verkeersstress te moeten doormaken. We hadden zo al stress genoeg. En dus stonden we daar, een kwartier op voorhand aan de ambassade te wachten. Eerst moesten we wat security checks doorlopen. Daarna wachten. We hadden een nummertje en de wachtzaal zat bomvol. Dan naar een eerste loket waar we ontvangen werden door een typisch Belgische ambtenaar. Geen superstart en het deed mijn zenuwen geen deugd. Dan weer wachten. Het duurde lang. Wachten duurt altijd lang maar als je toekomst er vanaf hangt, duurt het precies nog langer. Dan, eindelijk, ons nummertje op het scherm. Naar een ander loket. Deze keer werden we ontvangen door een vriendelijke Amerikaan, die begon met: “I apologize for the waiting” en “you are applying for a L1 visa, this should be quick”. Je kon de stress bijna van onze schouders naar onze rug horen glijden en op de grond vallen. We hadden ons verwacht aan een kruisverhoor maar kregen heel eenvoudige vragen waarbij hij gewoon checkte of mijn man voldeed aan de voorwaarden voor het werkvisa. Er was zelfs tijd voor small talk en hij verexcuseerde zich nog een paar keer voor het wachten terwijl hij typwerk verrichte. En dan sprak hij uiteindelijke de verlossende woorden: “congratulations, you’re visa is approved”.

Op naar het expat leven dus.

Ze verwachten ons daar vlug, héél vlug, in Amerika. As in: eind-deze-maand-vlug. Als het hier dus even stil wordt: ik ben waarschijnlijk druk bezig!

En de blog?

Uiteraard heb ik hier ook al diep over nagedacht in al die onzekere weken. De blog blijft. Natuurlijk. Maar hij wordt minder anoniem, voor zover dat nog het geval was. Het zou fijn zijn, denk ik toch, voor familie en vrienden om hier te komen lezen hoe het daar met ons gaat.

En met daar bedoel ik: Midland, Michigan. Onze nieuwe toekomstige thuis.

IMG_1688

Tags: , , , ,