Ik weet niet hoe lang het duurt om te wennen aan een ander land. Als je me zou laten raden dan zou ik zeggen een jaar. Eens je alle maanden en seizoenen doorlopen hebt, dan ben je er. Dan heb je alles gehad. Ik weet niet of dat het juiste antwoord is. Misschien wel.

Er is ondertussen een half jaar gepasseerd en eigenlijk heb ik nu al het gevoel dat we er eindelijk zijn. De afgelopen maanden zijn absoluut een rollercoaster geweest. Een rollercoaster van zoveel dingen te moeten regelen, een rollercoaster van settelen maar ook een rollercoaster van emoties. Dat laatste vooral.

Maar ik voel me hier elke dag meer en meer thuis. Ook al zijn er nog veel dagen waarop ik nog wel eens vloek. Op het feit dat ik zoveel moeite moet doen om deftig brood te vinden. Of dat ik de zondagochtend enkel kan kiezen uit een croissant of een chocoladekoek. Of dat het aantal hippe eetgelegenheden hier nogal beperkt is. Of dat de vraag “how are you doing today?” eigenlijk geen antwoord vereist. Of aan het feit dat iedereen hier zo weinig moeite lijkt te doen om ’s ochtends deftige kledij aan te doen. Of dat er geen einde lijkt te komen aan die ellenlange maanden van vriestemperaturen. Maar verder dan eens vloeken of met mijn ogen rollen gaat het niet meer. Tot enkele weken geleden was ik nog bijna op dagelijkse basis bezig met vergelijken en met dingen missen. Dat is weg. Het is allemaal een stukje van ons leven geworden. Het is ons gewone leven aan het worden.

Ik kan ondertussen zonder gps mijn weg vinden in Midland. Ik weet in welke supermarkt of winkel ik moet zijn om te vinden wat ik wil. Ik weet waar ze het beste brood hebben, waar de beste kaas, waar het beste vlees en waar de beste groenten. Ik weet waar ik die ene fles melk het goedkoopste kan kopen. Ik ben aan een razendsnel tempo klantenkaarten aan het opstarten en meer en meer begin ik me thuis te voelen in de wereld van coupons. Ik ben blij met de beginnende vriendschappen en de beginnende chitchat hier en daar. Ik ben trots op mezelf dat ik nog steeds twee keer per week ga sporten. Ik heb een favoriet lokaal radiostation. Ik ben meer en meer zelfzeker aan het worden als ik moet praten in het Engels. In het begin had ik vooral het gevoel dat ik te weinig kon oefenen maar ondertussen merk ik dat het toch allemaal vlotter gaat. Uiteindelijk is het enige wat ik dag in dag uit op radio en tv hoor ook alleen maar Engels. Zonder de Nederlandse ondertiteling dan en dat helpt natuurlijk ook wel.

Elisa, die is ondertussen bijna perfect tweetalig. Die praat en leest Engels alsof ze nooit anders heeft gedaan. Ze heeft niks van accent en daar ben ik jaloers op. Af en toe verbetert ze mij in mijn uitspraak. Zover is het al gekomen… Hier en daar merk ik af en toe zelfs een Engelstalig accent in haar Nederlands op. Het is echt onvoorstelbaar. Florian staat uiteraard nog niet zo ver als zijn zus. Daarvoor zijn de schooldagen voor hem te kort maar hij begrijpt wel ongeveer alles. Antwoorden doet hij in een mengelmoes van Nederlands en Engels. Wat grappig is. Dan krijg je zinnen als “I am making koffie do you want een tas?” en “I moet the car weer vermaken”.

En mijn man, die werkt hard en houdt ons financiële fort recht. Ik zou zijn tempo en werkdruk van elke dag niet aankunnen, dat moet ik eerlijk bekennen. Maar in principe zie ik hem wel meer dan vroeger. Er zijn geen eindeloze business trips meer van twee weken en ’s avonds moet hij niet meer ellenlang in de file staan om thuis te geraken. Dat is dan toch een voordeel.

Ik ben blij dat ik kan zeggen dat na zes maanden het zwaarste gewicht in onze weegschaal het positieve is. Met de lente en zomer in het vooruitzicht kan het hopelijk alleen maar beter worden… Ik kan echt niet wachten om Michigan eindelijk te kunnen gaan verkennen.

Tags: , ,